Adviesgesprekken
Adviesgesprekken    het 'zachte'gesprek
Studieadviseur Student
GedachtenWoorden GedachtenWoorden
1Laten we maar eens beginnen. Kijken hoe hij reageert Hoe gaat het met de studie?Wat een vervelend onderwerp Gaat wel, de studie is wat achter geraakt, maar dat komt wel goed.
2Die staat ook niet met beide benen op de grond Maar je loopt toch eigenlijk wel erg achter. Dat kun je toch niet inhalen? De studieadviseur is ongerust over mij. Wat aardig Ja, er is een aardige achterstand, maar er zijn nog hertentamens en ik weet nu een veel betere aanpak.
3Wat een ongelofelijke optimist Maar dan moet je wel zeer veel hertentamens doen. Dat lijkt mij nogal zwaar! Bezorgd zelfs! Nou dat hoeft niet. Het zal zeker heel zwaar zijn, maar ik ga een goed tijdschema maken en dan zal het wel lukken
4Ik zal hem confronteren met de realiteit Kan je niet beter met de studie stoppen? Dit is toch te zwaar? Nou zeg, de studieadviseur gelooft niet meer in mij Stoppen? .... Ik zeg toch dat ik nu weet hoe ik het aan moet pakken. Ik ga een planning maken en dan moet het wel lukken. Daar kunt u van op aan. Wat zou ik trouwens anders moeten gaan doen.
5Het dringt niet tot hem door. Daar is geen beginnen aan Nou, ik hoop het beste ervan. Ik vraag het me wel af. Succes dan maar.
Toch wel een aardige man. Moet een beetje gerustgesteld worden Dank u wel voor het gesprek. Maakt u zich maar geen zorgen over mij. Het komt wel goed.
      overviewoverzicht gesprekken  

Conclusie
Uit dit 'zachte gesprek' komt weinig. Na een uitnodigende open vraag ontstaat een heen en weer zwalkend gesprek. Deze (onrealistisch optimistische) student toont enige verontrusting in verband met de studieachterstand, de zwaarte van de taken en een eventueel alternatief voor deze opleiding. Hij dempt de onrust bij zichzelf door goede voornemen te uiten, maar de plannen zijn zo weinig concreet dat er hoogst waarschijnlijk niets van terecht zal komen. Onbedoeld versterkt dit gesprek een onderschatting van de taak en een overschatting van de mogelijkheden de taak aan te pakken.
De belangrijkste valkuil is dat de student stuurt en dat de studieadviseur hier achter aan hinkt, maar dat samenwerking ontbreekt. De studieadviseur reageert niet erg stimulerend, maar vooral informerend en negatief dempend.
Een 'hardere' aanpak ligt voor de hand. Ook dit kan gemakkelijk tot een weinig constructief gesprek kan leiden.
Meer informatie onderschatting taken en overschatting eigen capaciteiten en overzicht.

Robert M. Topman, Studentenpsycholoog b.d., Universiteit Leiden