Adviesgesprekken
Adviesgesprekken    het 'problem solving'gesprek
Het 'problem solving' gesprek
In het laatste gesprek wordt in een schematische vorm geschetst hoe samenwerking tussen studieadviseur en student is te bevorderen. De studieadviseur laat zich niet aan het handje nemen door de student, zorgt er voor dat de gesprekspartners geen niet constructieve tegenovergestelde posities innemen, maar probeert samen te werken.

Studieadviseur Student
GedachtenWoorden GedachtenWoorden
1 Daar gaat 'ie, aan de slag Het spijt me dat ik het moet zeggen, maar je studieresultaten zijn slecht. Wat ben je van plan te gaan doen? Zo erg is het toch niet. Ja, wat ben ik van plan? Ja, het is mij ook nogal tegengevallen. Proberen in te halen, dat lijkt me het beste.
2Hij beseft het wel, maar het overvalt hem toch ook. Wat is er eigenlijk gebeurt? Wat is er zo tegengevallen?Het was eigelijk een rot tijd, maar de vereniging was wel gezellig Ik moest eerst erg wennen in Leiden en de vereniging koste veel tijd. Met Kerstmis liep ik al achter, dat was wel stom. Maar het gaat nu veel beter.
3.Zeker dat was stom. Hij blijft optimistisch over z'n toekomst en ik niet. Hoe stelt hij zich dat voor? Je hebt duidelijk een slechte start gemaakt en ik kan me wel voorstellen dat je dat spijt. Hoe gaat het nu verder? Zou het nog wel lukken? Ik weet het eigenlijk niet. Het is nogal veel wat ik nog moet doen. Wat vindt u, zou het nog wel lukken?
4.Het dringt tot hem door en dat is niet plezierig. Ik zal de feiten herhalen. Ik heb al gezegd dat je studieresultaten slecht zijn. Het spijt me, maar dat zijn de feiten Wat ben je van plan te gaan doen? Zou ik wat anders moeten gaan doen? Ik zou niet weten wat ik anders zou moeten gaan doen. Daarom ga ik maar door.
5.Doorgaan bij gebrek aan alternatieven is wel te begrijpen, maar het is geen goede oplossing Ik kan me wel voorstellen dat je door wilt gaan, want er lijkt geen alternatief te zijn. Heb je daar wel eens serieus over nagedacht? Ik zie me thuis al aankomen met iets anders. Dat geeft ruzie Iets anders gaan doen zou toch wel heel jammer zijn. Ik vind de studie wel leuk en ik denk dat mijn ouders beginnen te protesteren. Die vinden opgeven maar slap.
6Een complicatie: druk van ouders Problemen met ouders maakt het lastig om zelf het beste te kiezen. Er zijn dan eigenlijk twee problemen: een studie- en een 'hoe vertel ik het mijn ouders' probleem. Dat is wel zo. Wat zou ik kunnen gaan doen Hoe zou ik kunnen uitzoeken of ik beter wat anders kan gaan doen?
      overviewoverzicht gesprekken  

Conclusie
In dit gesprek wordt op een zeer beknopte wijze een gesprek weergegeven waarbij studieadviseur en student samenwerken. De studieadviseur stimuleert de student de problemen onder ogen te zien en gezamenlijk naar mogelijke oplossingen te zoeken.
Het begint als een 'slecht nieuws gesprek'. Opbouw

  1. een korte inleiding ('Het spijt me…')
  2. het 'slechte nieuws' ('.. je studieresultaten zijn slecht')
  3. ruimte geven om 'stoom af te blazen' ('.. niet weten', '...jammer')
  4. proberen de student aan het denken te zetten ('… Wat ben je van plan…').
De studieadviseur stimuleert de student het probleem onder woorden te brengen door
  1. open vragen te stellen (2)
  2. samen te vatten (3).
  3. de feiten te zien door het 'slechte nieuws' te herhalen (4).
De studieadviseur probeert aan te sluiten bij waar de student is en probeert zo veel mogelijk vragen te stellen in de context van het gesprek. Vaak is het nodig enige tijd te nemen om een student te helpen gevoelens (teleurstelling,angst voor de toekomst, boosheid, enz.) onder woorden te brengen. Pas na een periode van 'stoom afblazen' is het mogelijk om het probleem en mogelijke oplossingen te bespreken. De tijd die besteed wordt aan het kort bespreken van gevoelens bevordert de effectiviteit van het gesprek.
Robert M. Topman, Studentenpsycholoog b.d., Universiteit Leiden