Adviesgesprekken
Adviesgesprekken    Fasen in gesprekken

Tijdsgebrek

In cursussen over het voeren van een adviesgesprek wordt vaak gesteld: 'Ik heb geen tijd om uitvoerige gesprekken te voeren'. In dit digitale informatieblad wordt beschreven hoe, door een aantal richtlijnen aan te houden, efficiënte gesprekken zijn te voeren. Een goed gesprek hoeft absoluut geen uitvoerig gesprek te zijn. Daarentegen gaat er veel tijd verloren door een ondoordachte gespreksvoering, die geen rekening houdt met de ontwikkeling in een gesprek.

Opbouw in gesprek

Eenvoudigweg is te stellen dat een gesprek een begin, een middendeel en een slot heeft. Het begin is meestal vrij formeel van aard: 'Hoe gaat het ermee?', 'Gaat u zitten', enz. Dit geeft de gelegenheid om even aan elkaar en aan de situatie te wennen. In het middendeel vindt het grootste deel van het gesprek plaats. Een student vertelt over zijn probleem, doet een verzoek, enz. De studieadviseur/ mentor/ docent hoort dit aan en reageert hierop. Het slot heeft ook weer formele kanten 'Bedankt voor het gesprek'en 'Graag gedaan', maar het is ook de laatste gelegenheid om nog wat te zeggen en te beïnvloeden, bijvoorbeeld 'Het is belangrijk dat u zich hieraan houdt' en 'Ik vind dit moeilijk, maar ik zal mijn best doen'. Dat is een gebruikelijke volgorde en wie zich daar niet aanhoudt veroorzaakt verwarring.

Richtlijnen voor adviesgesprekken

Ook een adviesgesprek heeft een opbouw in fasen. Een adviesgesprek heeft echter een speciale bedoeling, waarmee rekening moet worden gehouden. Over het algemeen is het de bedoeling een student te helpen een probleem op te lossen. De kans om dit doel te bereiken wordt groter als volgens bepaalde richtlijnen te werk wordt gegaan.
  • Effect advies = Kwaliteit advies x Acceptatie

    Hoe goed- objectief gesproken- een advies ook mag zijn, als het advies niet wordt opgevolgd, dan is het doel niet bereikt. Het effect van een advies wordt in hoge mate bepaald door de mate waarin het advies wordt geaccepteerd. Alles wat bijdraagt tot de acceptatie helpt bij het opvolgen van het advies en dus bij het bereiken van het doel van het gesprek. Van groot belang hierbij is te realiseren dat in een adviesgesprek vier fasen zijn te onderscheiden, terwijl het gedrag van de adviseur is te typeren met vier verschillende rollen.

  • Fase 1: Vestigen van een werkrelatie

    In het eerste deel van het gesprek gaat het erom op dreef te komen en een zeker vertrouwen te ontwikkelen. Gaat het om een zakelijke vraag dan zal deze fase van het gesprek kort duren, maar als het om meer persoonlijke problemen gaat dan is het nodig om hier wat tijd (soms niet meer dan een paar minuten!) voor te nemen. Vaak is het nodig de student in de gelegenheid te stellen wat 'stoom af te blazen'. Iemand kan immers zeer teleurgesteld zijn door slechte studieresultaten of -al dan niet terecht- verontwaardigd over een examenreglement. Geef wat ruimte aan deze emoties zodat deze niet later in het gesprek hinderen. De rol van de adviseur is te typeren met 'vertrouwenspersoon'.

  • Fase 2: Concretisering en explicitering van het probleem

    Als er een werkrelatie is ontstaan, dan wordt het mogelijk om het probleem helder op tafel te krijgen. Probeer in deze fase tot concrete vaststellingen te komen ( bijvoorbeeld: ik deel mijn tijd slecht in, of: ondanks voldoende voorbereidingstijd zak ik voor multiple choicetentamens). Stop niet bij vage pseudo-verklaringen (bijvoorbeeld: ik kan het niet opbrengen, of: mijn concentratie is niet goed). Realiseer dat een aantal losse psychologische begrippen zonder koppeling aan de concrete feiten weinig bijdragen tot een oplossing. Bekende voorbeelden zijn motivatie en faalangst. Waar leidt dit toe, hoe studeert iemand, enz. zijn vragen die tot concrete en expliciete vaststellingen kunnen leiden. De rol van de adviseur is te typeren met 'onderzoeker'.

  • Fase 3: Informatie over mogelijke oplossingen

    Pas als het probleem duidelijk is geworden kan worden nagedacht over mogelijk oplossingen. In deze fase is informeren belangrijk. Dit zijn mogelijkheden en dit zijn de beperkingen. Soms zal onaangename mededeingen moeten worden gedaan (het spijt mij, maar dat kan niet op grond van ...) en krijgt het gesprek het karakter van een 'slecht nieuwsgesprek'. De rol van de adviseur is te typeren met 'docent'.

  • Fase 4: Verwerken van deze informatie

    In deze fase gaat het erom de student te helpen de informatie te verwerken. Dat houdt vaak het overwegen van de voor- en nadelen van verschillende oplossingen en het komen tot een beslissing. Meestal is het nodig aandacht te geven aan de uitvoering van de oplossing. De rol van de adviseur is te typeren met 'coach'.

Persoonlijk voorkeur

Als u de verschillende rollen van de adviseur overziet, dan zult u waarschijnlijk een persoonlijke voorkeur merken voor een bepaalde rol. Als u te veel deze rol laat prevaleren, dan kan dat de efficiëncy van het gesprek negatief beïnvloeden. Vraag u eens af wat u tegenhoudt de andere rollen te vervullen en probeer een realistisch oordeel te vormen.
Robert M. Topman, studentenpsycholoog, b.d., Universiteit Leiden