|
Aard van het gesprek
Een oproep gesprek' is meestal tamelijk vrijblijvend van aard, want het gesprek heeft over het algemeen geen bindende consequenties. Toch zal een student, die opgeroepen wordt naar aanleiding van onvoldoende
studieresultaten dit gesprek niet opvatten als een 'ontspannen gesprekje'. Ook als de studiebegeleider duidelijk de bedoeling heeft de student te helpen, kan toch enige voorzichtigheid, repectievelijk
terughoudendheid van de kant van de student verwacht worden.
Doel van het gesprek
Doel van dit gesprek te komen tot een advies over de verdere aanpak van de studie. Indien een
studievragenlijst (bijvoorbeeld de SMART ) is afgenomen, dan kan de uitslag hiervan ook informatie voor dit gesprek opleveren.
Voor eerstejaars studenten: als op grond van de tot nu toe behaalde studieresultaten de kans zeer klein lijkt dat de student de propedeuse behaalt, dan moet deze student gewezen worden op de mogelijkheid de studie te staken en voor 1 februari de studiebeurs stop te zetten.
Inhoud van het gesprek
In de meeste opleidingen worden alleen studenten met slechte studieresultaten opgeroepen. In dit gesprek zullen enerzijds de oorzaken van deze slechte studieresultaten worden besproken en anderzijds zal
gezocht worden naar een betere aanpak van de studie.
Er kunnen vele oorzaken van slechte studieresulaten zijn. Veelvoorkomende oorzaken zijn
- De studie blijkt zwaarder te zijn dan verwacht, respectievelijk het gevoel de studie niet aan te kunnen
- De inhoud van de studie valt zeer tegen, of de opzet van de studie (frequentie kontaktonderwijs, hoeveelheid zelfstudie, enz.) stelt teleur
- De wijze van studeren en tentamen afleggen is onproductief
- De aanpak en organisatie van de studie (hoeveelheid studietijd en afwisseling studie- en vrije tijd) is onvoldoende
- Studiestress hindert bij productief studeren
- Persoonlijke omstandigheden spelen een belemmerende rol
Bij een gesprek over deze punten is het belangrijk te komen tot preciese en concrete vaststellingen. Begrippen als 'geconcentreerd', 'gemotiveerd', 'faalangst', enz. zeggen op zich niet zoveel. Daarentegen is informatie over het aantal uren dat aan aan vak wordt besteed, de afwisseling van studie- en vrije tijd, de manier van studeren (kunnen onderscheiden van hoofd- en bijzaken, 'aanvoelen' wat op een tentamen wordt gevraagd, goede werkomstandigheden, enz.), kontakt met medestudenten, enz. bruikbaar om een betere aanpak tekomen.
Voor een meer productieve aanpak van de studie is het vaak nodig (nieuwe) vaardigheden te leren om beter te studeren en tentamen te doen en vaardigheden te leren voor een betere aanpak en organisatie
van de studie. Daarbij zijn zowel schriftelijke informatiebladen als de website van 'Studie-ondersteuning' over de aanpak van studieproblemen bruikbaar.
Soms zijn meer gesprekken nodig of is verwijzing naar bijvoorbeeld Studentenpsychologen voor een cursus of individuele gesprekken noodzakelijk.
Als student en studiebegeleider het er over eens zijn dat de kans zeer klein is dat een student de propedeuse haalt, of de studie afmaakt en staken van de studie het beste is, dan ontstaat een ander gesprek. De studiebegeleider zou de student kunnen helpen een lange termijn plan op te stellen. Hierbij kunnen vragen aan de orde komen als: volgend jaar weer verder gaan, andere opleiding zoeken, de oorzaken van de studieproblemen aanpakken, enz. Verwijzing naar Studentenpsychologen, of Studiekeuze-loopbaan adviseurs voor een (studie)keuze ondersteuning kan nuttig zijn.
Mogelijke hindernissen in het gesprek
In een adviesgesprek kan een impasse ontstaan, waarbij beide gesprekspartners zodanig op elkaar reageren dat de voorgang van het gesprek stokt. Naarmate de de één A beweert, voelt de ander zich
genoodzaakt B te beweren, waarop de eerste persoon A -maar dan nog sterker- herhaald.
-
Impasse 1: de onbezorgde student
Juist studenten die er niet zo best voorstaan, kunnen zeer optimistisch zijn over de mogelijkheden de studieproblemen aan te pakken. Er kan een impasse in het gesprek ontstaan waarbij aan de
ene kant de begeleider benadrukt dat de student er niet best voorstaat en dat aan de andere kant de student dit weliswaar beaamt, maar benadrukt dat het binnenkort weer prima gaat lopen. Dit kan
over en weer irritatie doen ontstaan ('deze student wil niet luisteren' vs. 'deze studiebegeleider gelooft mij niet').
Vooralsnog wat aanhoren van overoptimistische opvattingen en daar niet tegen ingaan, maakt het mogelijk om naar de realiteit toe te gaan. Na opmerkingen in de trant van 'Het klinkt voor mij dat je wel plezier
in de studie hebt', 'Ik begrijp dat je wel mogelijkheden ziet om de problemen aan te pakken', enz wordt het vanzelfsprekend om te bespreken 'hoe ga je dat aanpakken?' en 'hoe kan ik je daar mee
helpen?'. De realiteit komt dan weer in zicht en in samenwerking is een haalbaar plan op te stellen.
Impasse 2: de ontmoedigde student
Sommige studenten kunnen in de eerste maanden van de
studie zeer ontmoedigd zijn geraakt. Het bleek toch allemaal wat moeilijker dan was gedacht, het moeten wennen aan een nieuwe leef- en werksituatie kostte meer tijd dan was voorzien en ineens waren daar de tentamens, kortom het lijkt allemaal niet meer te lukken.
Er kan een impasse in het gesprek ontstaan waarbij aan de ene kant de begeleider de moed erin probeert te houden en aan de andere kant de student benadrukt hoe zwaar het allemaal is. Ook hier kan over en
weer irritatie ontstaan ('met deze pessimistische student is niet goed te spreken' vs. 'deze studiebegeleider begrijpt mij niet').
Erkenning van de ontmoediging van de student kan een eerste stap zijn op weg naar samenwerking. Mensen hebben behoefte om eerst wat (emotionele) stoom af te blazen en zijn daarna gemakkelijker in
staat problemen realistisch onder ogen te zien. Opmerkingen in de trant van 'Je klinkt zeer ontmoedigd', 'Kennelijk is het allemaal nog al tegen gevallen', enz. helpen hierbij.
-
Impasse 3: de hulpeloze student
Sommige studenten kunnen zich in een gesprek zeer hulpeloos gedragen. Er kan een gesprek ontstaan dat te karakteriseren is met een opmerking in de trant van 'Ik zou wel willen studeren, maar het lukt niet'. Daar openlijk tegen ingaan ('Het lukt wel als je het maar wilt') zal niet erg helpen. De student zal waarschijnlijk zeggen het met dit advies wel eens te zijn, maar dit helaas niet te kunnen uitvoeren. Dit is slechts een nieuwe ronde in een gesprek dat in een impasse verkeert. De student is wellicht wel op een constructief spoor te zetten door eerst te erkennen dat het allemaal niet zo gemakkelijk is. Daarna wordt het mogelijk vragen te stellen naar wat er eigenlijk niet lukt. De inhoud van het probleem wordt dan concreter en zo is in samenwerking een 'diagnose' te stellen van het probleem. Irritatie wordt vermeden en het begin van een oplossing is te vinden.
-
Impasse 4: de veeleisende student
Soms wensen studenten wel erg veel en de studieadviseur wordt geacht zich daar in hoge mate voor in te spannen. Extra tentamenmogelijkheden, uitzonderingen op regels, toegang tot een cursus, verklaringen, enz. Geregeld zijn hier goede redenen voor, maar stimuleert het gedrag van de student niet erg tot medewerking. Soms is het niet meer dan brutaliteit gebaseerd op 'nee heb je en ja kan je krijgen', of de ervaring dat je met een grote mond je zin kan krijgen. In een enkel geval is er sprake van (culturele) misverstanden of spelen persoonlijke problemen van de student een rol. Zelden is er sprake van een querulant, al is dat wel mogelijk.
Hoe dan ook, irritatie ligt op de loer en het is niet gemakkelijk om tot een constructief gesprek te komen. Een paar vuistregels kunnen hierbij helpen.
- Grenzenloos, ongepast gedrag als intimidatie, chanteren, kleineren, enz. is niet acceptabel. Staak zonodig een gesprek of voer zonodig met een collega erbij het gesprek.
- Kwaadheid, hoe begrijpelijk ook, werkt niet en hiermee gooit u olie op het vuur.
- Confrontatie is een moeilijke gesprekstechniek. Negeren is vaak gemakkelijker.
- De emotie langs u heen laten gaan en vragen wat er aan de hand is, kan een opening bieden.
- Soms bent u de boodschapper van slecht nieuws en kan begrip voor de teleurstelling van de student een opening bieden. ('Ik kan mij goed voorstellen, dat je ...')
(Persoonlijke) omstandigheden
Behalve deze impasses kan het gesprek ook gecompliceerd raken doordat persoonlijke omstandigheden een negatieve invloed lijken te hebben op de studieresultaten. Als studenten zeggen dat hun slechte
studieresultaten het gevolg zijn van omstandigheden, dan zullen daar meestal wel goede gronden voor zijn. Over het algemeen zullen studenten terughoudend zijn in het spreken over persoonlijke omstandigheden, omdat zij niet weten hoe dit wordt opgevat.
Het is moeilijk in deze pagina in te gaan op de rol van persoonlijke omstandigheden, omdat deze zullen samenhangen met individuele situaties. Soms is verwijzing naar gespecialiseerde
diensten nodig (bv. Studentenpsychologen), en soms is pauzeren met de studie (uitschrijven) raadzaam.
Een enkele maal is een student er van overtuigd dat niet hij/zij, maar de omgeving volledig de schuld is van de slechte studieresultaten. Daar tegen ingaan zal niet erg helpen om deze student tot een meer realistische analyse van de situatie te brengen. Deze opmerkingen maar laten voor wat ze zijn, kan een goede taktiek zijn. Daarna is het wellicht mogelijk om een plan op te stellen om al deze
tegenslagen aan te pakken.
|